Lak

De voordeur van Marie van Beek staat vanaf half elf op een kiertje. Het liefst zou ze ons achterom laten komen, maar dit huis heeft geen achterom. 

Marie heeft prachtige handen met lange, slanke vingers en mooie nagels.

De handen van Marie passen niet bij het zware werk dat ze gedaan heeft. 

Het zijn handen die ik niet vaak tegenkom in de wijk. 

Handen waarvan de nagels schreeuwen om een lakje.

“Heeft u nagellak in huis?”, vraag ik, nadat ik haar heb geholpen met douchen.

We zitten aan de hoge tafel in het keukentje, allebei met een kopje thee.

Het blijft even stil.

“Nagellak? Och kind, dat is lang geleden… Vroeger lakte ik mijn nagels iedere week, koraalrood.”

Ik kijk haar aan. Ik denk te zien dat haar gedachten teruggaan naar vroeger.

“Maar hééft u nog nagellak in huis?”, vraag ik.

“Nou, ik zou het eerlijk gezegd niet weten. Maar áls ik het nog heb, dan is het vast uitgedroogd,” zegt ze.

“Jammer,” zeg ik, terwijl ik de laatste slok thee neem. 

Ik trek mijn jas aan en loop richting de hal. 

Dan zie ik in de hoek van de keuken een whiteboard hangen. Er staan boodschappen op.  

Beschuit. Dreft. Bonbons.

Ik pak de stift en schrijf: nagellak, koraalrood.

“Als ik weer bij u kom, ga ik uw nagels lakken.”

7 reacties On Lak

Leave a Reply to Patricia Cancel Reply

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Site Footer