Lege bovenverdieping

Ze zit in een grote stoel voor het raam. Geen moderne sta-op-stoel, maar een leunstoel die hoorde bij haar uitzet.

De stoel lijkt sinds ik haar ken steeds groter geworden. Zij werd in de loop der jaren steeds kleiner. Zowel haar lichaam als haar geest neemt langzaam in volume af. Er komt niets meer bij. Geen spiermassa of vetrandje. Geen nieuwe herinneringen.

Ze lijkt in die stoel te wonen, omgeven door fotolijstjes. Foto’s die mij een kijkje in haar verleden gunnen. Een rijk gezinsleven met kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen, allen vastgelegd en zorgvuldig neergezet.

Onopvallend en een beetje achteraan zie ik een statige zwart-wit foto van een bruidspaar in een mooi zilveren lijstje. De mensen op de foto lachen niet. Het lijkt of ze voor straf trouwen. Ik vraag haar naar de mensen op de foto. Een vraag die ik alleen durf te stellen wanneer ik tijd genoeg heb om er ook op door te vragen. 

“Dat zijn mijn man en ik toen we trouwden. Negentien mei 1956, een zonovergoten dag.” Ik vraag haar of ze nog meer foto’s van haar huwelijk heeft.

“Oh ja, een dik album vol,” zegt ze. “Het ligt boven met nog heel veel andere albums. Ik heb ze al jaren niet meer ingekeken. Ik kom nooit meer boven.” 

Haar woorden dringen langzaam tot me door. Haar hele leven ligt opgeslagen in fotoboeken op de bovenverdieping. Ze kan er niet meer bij. Haar lichaam laat dat niet meer toe. Ze heeft hulp van anderen nodig om bij haar eigen herinneringen te komen. 

Ik vraag haar of ik er een paar voor haar zal halen. Iets in mij verwacht dat ze dat wil. Dat ik haar een gunst bewijs door het aan te bieden. 

Tot mijn verbazing slaat ze mijn aanbod af. Ons gesprekje bloedt dood en ik heb geen idee waarom. Ik durf haar er niet naar te vragen.

Haar herinneringen, haar keuze.

4 reacties On Lege bovenverdieping

Reageren:

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Site Footer